Anti-pestprotocol

Pestprotocol ’t Atrium

Dit doen wij tegen pesten

Pesten vindt vooral plaats in de onderbouw in de leerjaren 1, 2 en 3. Soms komt pesten ook voor in de hogere leerjaren. Pesten komt voor in de klaslokalen en erbuiten. Moderne media spelen hierin vaak een belangrijke rol. Het is de taak van de school om adequaat op te treden tegen het pesten van leerlingen en tegen pesters. Het beleid van onze school is erop gericht dat gepeste leerlingen zich zo snel mogelijk weer veilig voelen. Het volledige beleid kunt u onderaan deze pagina downloaden.

Anti-pestcoördinator

Mevrouw Myrthe van Oostveen is de anti-pestcoördinator op ’t Atrium. Als leerlingen gepest worden, en dat komt op elke school voor, gaan ze eerst naar hun mentor toe. Deze zal zich ervoor in zetten om het pesten te laten stoppen. Soms lukt dat niet, of is de situatie ingewikkeld. Zowel leerlingen als docenten/mentoren kunnen dan bij haar terecht. Mevrouw Van Oostveen is werkzaam op onze school als docent Engels en geschiedenis en heeft een rol in de leerlingondersteuning. Zij werkt er hard voor om onze school voor iedereen een fijn en veilig leer- en leefklimaat te laten zijn.

Hoe wij pesten herkennen en voorkomen

Op ’t Atrium vinden we het belangrijk dat iedereen zich veilig en gezien voelt. Daarom werken we actief aan een schoolcultuur waarin we elkaar respecteren en positief benaderen. Met onze basisleefregels — zoals luisteren naar elkaar, respect tonen en zorgvuldig omgaan met elkaars spullen — leggen we een stevige basis voor een veilige sfeer in de klas en daarbuiten.

Tijdens de introductiedagen in klas 1 stellen leerlingen samen hun eigen klassenregels op. Deze gelden zowel in de klas als online. Door het jaar heen grijpen mentorlessen regelmatig terug op deze afspraken. Leerlingen leren onder andere het verschil tussen plagen en pesten, welke rol omstanders spelen en waarom pesten nooit acceptabel is. Ook in het mentorprogramma, de training Rots & Water en in het vak Nederlands wordt aandacht besteed aan sociale veiligheid en pesten.

Hoe herken je pesten?

Pesten kan zich op verschillende manieren uiten — op school, thuis en online. We letten onder meer op signalen zoals: somberheid, terugtrekgedrag, schoolprestaties die plotseling achteruitgaan, beschadigde spullen, angst om naar school te gaan of het vermijden van sociale situaties. Daarnaast letten we op signalen van cyberpesten, zoals kwetsende berichten, online roddels, verspreide foto’s of uitsluiting in groepsapps. Hoewel cyberpesten niet altijd zichtbaar is op school, vinden we dit fenomeen op ’t Atrium zeer ernstig. In de klas zijn de gevolgen namelijk duidelijk voelbaar. Meer informatie is onder andere te vinden op de website van Stop Pesten Nu: .
Door deze signalen serieus te nemen en te delen met mentoren of vertrouwenspersonen, kunnen we snel ingrijpen en hulp bieden.

Wat kun je doen als je wordt gepest of als er in jouw klas wordt gepest?

Voel jij je niet veilig of zie je dat iemand anders wordt gepest? Praat erover met iemand die je vertrouwt: jouw mentor, een vertrouwenspersoon, de schoolpsycholoog, een docent of een leerlingmentor.
Het belangrijkste is: je staat er niet alleen voor.
Elke vervolgstap wordt samen met jou bepaald en uitgevoerd.

Ons stappenplan ‘Stop het pesten!’

Om pesten effectief aan te pakken, werken we volgens een helder en zorgvuldig stappenplan:

  1. Je verhaal vertellen
    Samen met jouw mentor wordt besproken wat er gebeurt, wie erbij betrokken zijn en wat jij nodig hebt om je weer veilig te voelen.
  2. Afspraken maken en oplossingsgesprekken
    De mentor overlegt — zo nodig met de antipestcoördinator — welke stappen passend zijn.
    Daarna volgt een gesprek met de pester én later een gezamenlijk gesprek waarin afspraken worden gemaakt om het pesten te stoppen, zowel op school als online.
  3. Ouders/verzorgers worden betrokken
    Ouders van zowel de gepeste als de pester worden geïnformeerd over de gemaakte afspraken. Als de situatie ernstig is, belt de conrector om het gesprek verder te begeleiden.
  4. Controle en opvolging
    De mentor houdt actief in de gaten of de afspraken worden nagekomen. Als dat niet gebeurt, volgen passende maatregelen.
  5. Als het pesten niet stopt
    Dan wordt de conrector ingeschakeld. De situatie wordt besproken in het ondersteuningsteam en waar nodig wordt extra hulp ingezet voor zowel de gepeste als de pester. Ouders worden uitgenodigd voor een gesprek om samen te werken aan een oplossing.

Samen verantwoordelijk voor een veilige school

We geloven dat een veilige schoolomgeving iets is wat we samen maken: leerlingen, ouders en medewerkers. Door elkaar aan te spreken, naar elkaar te luisteren en pesten altijd serieus te nemen, zorgen we ervoor dat iedereen zich prettig en veilig kan voelen op ’t Atrium.